Art deco en het interbellum
Rechte lijnen aan de buitenkant, twee stille omwentelingen aan de binnenkant
- Eerste kwartsklok1927
- Atmos, eerste prototype1928
- Atmos met ethylchloride1936
- KenmerkGeometrische vlakken, marmer, chroom
De vorm
Art deco brak met het gebogen lijnenspel dat eraan voorafging. Klokken uit deze jaren zijn opgebouwd uit rechthoeken, trappen en driehoeken, in zwart of gemarmerd steen, met chroom of vernikkeld messing als accent. De wijzerplaat werd strak: cijfers in schreefloze letters of alleen streepjes.
Naast steen kwamen nieuwe materialen in gebruik, waaronder gegoten kunsthars en gekleurd glas. Het beeld veranderde daarmee sneller dan de techniek erachter.
Twee ontwikkelingen aan de binnenkant
In oktober 1927 bouwden Warren Marrison en J.W. Horton bij Bell Telephone Laboratories de eerste kwartsklok. Die klok was groot, stond in een laboratorium en had niets met huiskamers te maken, maar hij legde de basis voor alles wat er later op batterijen zou lopen.
Een jaar later bouwde Jean-Leon Reutter in Neuchatel het eerste prototype van de Atmos, een klok die zichzelf opwindt uit temperatuurwisselingen. Jaeger-LeCoultre kocht het patent en bracht in 1936 de versie uit waarin ethylchloride het werk doet.
| Kwartsklok 1927 | Atmos 1928 | |
|---|---|---|
| Bedacht door | Marrison en Horton | Jean-Leon Reutter |
| Plaats | Bell Telephone Laboratories | Neuchatel |
| Principe | Trilling van een kristal | Uitzetting bij temperatuurverschil |
| Gevolg op termijn | Batterijklokken en horloges | Kamerklok die niet opgewonden wordt |
Elektrisch in huis
In dezelfde periode kwamen klokken op netstroom in gebruik, aangedreven door een synchroonmotor die de frequentie van het lichtnet volgt. Zolang het net stabiel was, liepen die klokken gelijk. Bij een stroomstoring stonden ze stil en moesten ze met de hand worden bijgezet.